Casco of woonklaar
Casco is water- en winddicht maar binnen nog niet af. Woonklaar betekent ook isolatie, elektra, stucwerk, schilderwerk en vloer. Dat verschil is honderden euro's per m². Een casco opbouw later afwerken kost gemiddeld € 15.000 – € 30.000.
Oppervlakte
Hoe kleiner de opbouw, hoe hoger de prijs per m². Vaste kosten zoals kraan en steiger tellen altijd mee. Een opbouw van 3 × 5 meter kost € 2.217 – € 2.550 per m², een van 5 × 5 meter € 1.726 – € 1.906 per m². Een casco opbouw van 20 m² kost € 24.000 – € 32.000, een van 40 m² € 48.000 – € 64.000.
Draagkracht van het bestaande pand
Een extra laag weegt. Of de bestaande muren en fundering dat aankunnen, bepaalt de constructeur. Moet er versterkt worden, dan stijgt de prijs flink. Dat blijkt pas uit constructief onderzoek. Elke dakopbouw vraagt een constructieberekening; die kost € 500 – € 1.500, en stalen balken met constructief ontwerp € 3.000 – € 8.000.
Fundering van oudere Amsterdamse panden
Bij een oud pand op houten palen kijk je eerst naar de fundering, want een opbouw voegt gewicht toe. De gemeente meet de zakking met meetbouten in de gevels, en die kaart is openbaar. Zakt je pand 1 tot 2 mm per jaar, dan is dat geen reden voor zorg. Boven 3 mm per jaar is funderingsonderzoek verstandig. Funderingstekeningen vraag je op bij het gemeentelijk archief.
Plat of schuin dak
Op een schuin dak is een opbouw duurder dan op een plat dak. Prefab op een schuin dak kost € 50.000 – € 95.000, tegenover € 40.000 – € 80.000 op een plat dak. Een nokverhoging is kleiner en goedkoper: € 10.000 – € 20.000 voor eenzijdig en € 16.000 – € 30.000 voor tweezijdig, bij 5 meter breed.
Waar het geld heen gaat
Bij een afgewerkte opbouw is de constructie het grootste deel, maar niet de helft. De kosten verdelen zich ongeveer zo: constructie en ruwbouw 35 – 45%, installaties zoals elektra, verwarming en sanitair 15 – 25%, afwerking van vloer, stucwerk en schilderwerk 20 – 30%, en constructieberekening, vergunning en bijkomende kosten 5 – 10%. Een casco opbouw is daar 20 tot 30% goedkoper: wind- en waterdicht met ramen en deuren, maar zonder binnenafwerking.
Een trap naar boven
Een nieuwe verdieping heeft een vaste trap nodig, en die staat lang niet altijd in de m²-prijs. Inclusief materiaal en plaatsing kost een rechte trap € 1.300 – € 1.800, € 1.700 – € 2.500 voor een kwartslagtrap en € 2.600 – € 3.600 voor een wenteltrap. Moet er een trapgat worden gemaakt, dan komt daar € 400 – € 800 bij.
Bouwtijd
De ruwbouw van een dakopbouw duurt drie tot acht weken. Van ontwerp en vergunning tot oplevering duurt het gemiddeld vier tot acht maanden. Zolang de opbouw open ligt, is de verdieping eronder vaak lastig te gebruiken; vraag naar de planning per week.
Kraan en ontheffing zwaar verkeer
Moet de opbouw met een kraan omhoog, dan vraagt dat in Amsterdam vaak een ontheffing. Voor een voertuig zwaarder dan 7,5 ton in de zone zwaar verkeer heb je een ontheffing nodig. Een kraanwagen, betonmixer of betonpomp geldt als bijzonder voertuig. Een dagontheffing kost € 29,80, een routeontheffing € 308,70 met drie weken doorlooptijd. Vanaf 50 ton, of een kraanwagen tot 60 ton, loopt het via de RDW als exceptioneel transport.
Steiger, container en parkeervakken
Een steiger die weken op straat staat, kost in Amsterdam een objectvergunning. Die kost € 543,30 voor 6 weken en € 724,60 voor 8 weken, en je vraagt hem minimaal 7 werkdagen vooraf aan. Alleen een rolsteiger of container mag je buiten stadsdeel Centrum gratis melden. Voor de kraan reserveer je parkeervakken met een TVM: de gemeente rekent een bedrag per aantal vakken (€ 150,90 voor 1-2 vakken) en een bedrag per reserveringsduur (€ 277,70 voor 1-3 dagen).
Werken langs het water
Aan een gracht bepaalt de kade waar de kraan en de steiger mogen staan. Op de strook van 0,5 tot 3 meter van de waterkant mogen voertuigen maximaal 3.500 kg wegen en objecten maximaal 500 kg per m². Op kades en bruggen is altijd een objectvergunning nodig. Dat kan een andere opstelplaats of een kleinere kraan vragen, en dat kost extra.
Regels voor regenwater in Amsterdam
Een grote dakopbouw kan in Amsterdam een eis voor regenwaterberging meebrengen. De aparte Hemelwaterverordening is per 31 oktober 2024 vervallen; de regels staan nu in het omgevingsplan, en of ze voor jouw opbouw gelden, hangt af van de omvang ten opzichte van het bestaande gebouw. Ga dat na bij de vergunningcheck, want een waterbergend dak kost extra.
Leges en welstand
Sinds 1 oktober 2026 rekent Amsterdam twee legesdelen over dezelfde bouwkosten: 0,76% bouwtechnisch, minimaal € 100, en 1,81% ruimtelijk, minimaal € 233. Tussen € 75.000 en € 250.000 wordt dat € 570 plus 1,05% en € 1.357,50 plus 2,44% over het meerdere. Moet je afwijken van het omgevingsplan, dan telt zwaar of jouw plan een kleine afwijking is (€ 565,50) of niet (€ 5.655). De legestabel rekent een dakopbouw tot de kleine afwijkingen, maar een hele extra bouwlaag niet. De gemeente beslist binnen 8 weken, met één keer 6 weken verlenging.
Btw: grotendeels 21%
Over een dakopbouw betaal je grotendeels 21% btw. Het 9%-tarief geldt alleen voor isoleren, schilderen en stukadoren van woningen ouder dan 2 jaar. Bij isoleren valt alleen de arbeid onder 9%, het isolatiemateriaal niet. Bij een groot aannemingswerk splitst de aannemer offerte en factuur in een 9%- en een 21%-deel. Totaalprijzen op prijssites zijn vaak inclusief btw; bij prijzen per m² staat dat er niet altijd bij, dus vraag het na.
Prijsontwikkeling
Bouwkosten stijgen nog steeds. De inputprijsindex voor nieuwbouwwoningen stond in juli 2026 op 129,6 (2021 = 100), 5,1% hoger dan een jaar eerder (voorlopig cijfer). Die index gaat over loon en materiaal in de nieuwbouw, niet over renovatie. Zie hem als indicatie: een prijs uit een ouder artikel ligt waarschijnlijk lager dan een offerte van nu.